Waggel, fladder, hups!

Saai toch, gewoon wandelen? Dieren hebben gelukkig heel wat originelere manieren om zich voort te bewegen. In dit prachtig prentenboek dicht Anne-Lieke Faber erop los. Elk gedicht klinkt heel fijn én is daarbovenop nog eens leerrijk. Hoewel niet elk vers strikt non-fictie is (zo vliegt een ooievaar bijvoorbeeld richting maan), prikkelt het boek wel degelijk de nieuwsgierigheid van jonge lezers en verruimt het hun kennis over dieren en hun bewegingen.

Als titel en eerste lijn krijg je elke bladzijde steeds de manier van voortbewegen (bv. duik, zweef, galoppeer ...) waarna een kort gedicht volgt. Het wordt afgesloten met de naam van het dier. Af en toe worden speelse lettertypes ingezet om de beweging visueel te versterken, wat het geheel extra dynamiek geeft. De tekst is op rijm geschreven en heeft een prettig, natuurlijk ritme, waardoor het boek zich uitstekend leent tot expressief voorlezen. De sfeervolle illustraties ondersteunen de gedichten en brengen de dieren tot leven. Een bijzondere meerwaarde is de bijhorende muziek, die via Spotify te beluisteren is. In de meeste gevallen sluit de muzikale interpretatie mooi aan bij de sfeer, het tempo en de beweging van het dier. Sporadisch voelt de keuze minder overtuigend aan, maar dat doet weinig af aan het totaalconcept.

Dit is een boek dat uitnodigt tot meebewegen: springen, dansen, zweven als de dieren zelf. Een waardevolle aanvulling voor wie op zoek is naar een prentenboek dat taal, kunst en beweging op een toegankelijke manier samenbrengt.