De laatste zomer vol kikkervisjes
De laatste zomer vol kikkervisjes is voor mij een topper. Het verhaal gaat over Duuk, die lijdt aan SMA-PME, een zeldzame en ernstige aandoening. Samen met zijn zusje, Kikker, vangt hij elke zomer kikkervisjes, die ze later weer vrijlaten. Wanneer Duuk door zijn aandoening plots niet meer naar school kan en uiteindelijk wordt opgenomen in het ziekenhuis, verandert alles.
Kikker probeert sterk te blijven. Ze slaat alles wat er gebeurt op als stenen in haar maag en vindt dat ze niet mag huilen, omdat het volgens haar enkel om Duuk gaat. Terwijl mama en papa veel in het ziekenhuis zijn, vangt opa haar thuis op. Ze slaapt samen met hem in een tent in de tuin, waar ze ook Ari leert kennen. Ari wordt een nieuwe vriend van kikker die agorafobie heeft. Hij brengt wat licht in die donkere periode. Ook de band tussen Kikker en Duuk blijft bijzonder, onder andere dankzij de walkietalkies waarmee ze contact kunnen houden wanneer Duuk thuis in zijn ziekenhuisbed ligt.
Het boek gaat over ziekte en verlies, maar vooral ook over liefde, vriendschap en elkaar steun bieden. De gevoelens van Kikker worden heel mooi beschreven en maken het verhaal bijzonder aangrijpend. Toch is het niet alleen een verdrietig verhaal. Er is ook ruimte voor vriendschap, warmte, hoop en een beetje humor.
Het verhaal heeft me echt geraakt. Ik heb tijdens het lezen zeker meerdere keren een traantje moeten wegpinken. De laatste zomer vol kikkervisjes is voor mij dan ook een prachtig en ontroerend boek dat nog lang blijft hangen.