Onzichtbaar.jpg
12+

Onzichtbaar

Een jongen weigert zijn wiskundeproefwerk door te geven aan de zittenblijver van de klas. Dat komt hem duur te staan. Vanaf dan valt hij ten prooi aan pesten. Op school, in het park, online, overal weten zijn belagers hem te vinden en te pakken te krijgen. Velen kijken toe en ondernemen niets, zelfs zijn beste vriend niet, zelfs zijn platonisch liefje niet. De jongen vlucht in superkrachten, hij blinkt uit in zich onzichtbaar maken. Enkel zijn leerkracht Spaans lijkt oog te hebben voor het drama dat zich langzamerhand voltrekt, en dat is niet toevallig. 

Waw, wat een krachtig boek! Al in de proloog van amper twee bladzijden roept Moreno een geweldige spanning op en creëert hij grote verwachtingen. Er is sprake van brand, pijn en angst. Van een tatoeage van een draak, die de drager niet gekozen heeft, de draak heeft haar gekozen. Vanaf dan houdt de auteur je in de ban. Mondjesmaat, in bijzonder korte hoofdstukjes, lost hij kruimels van de gebeurtenissen. Vanuit verschillende standpunten beschrijft hij wat de jongen in het ziekenhuis heeft gebracht. Heel apart is dat deze jongen geen naam krijgt, hij wordt benoemd met de namen waarmee zijn pesters hem aanspreken: “tomaatjongen”, “wespenjongen” . Dit maakt hem uiteraard des te universeler. Ook de anderen dragen eerst geen naam: “het meisje met de 100 armbandjes”, “de jongen met het litteken boven zijn wenkbrauw”, “de moeder”, “de jongen met negen en een halve vinger”. Deze omschrijvingen als titel geven in het begin aan vanuit welk perspectief je in dat hoofdstukje kijkt, gaandeweg ben je genoeg in het verhaal om dat zonder titel te weten, uiteindelijk krijgen al deze personages ook namen, zij het de pester enkel initialen. Alleen het hoofdpersonage blijft naamloos, zijn hoofdstukken zijn in de ik-vorm geschreven. 

Het gegeven onzichtbaar te zijn is zeer goed uitgewerkt: de jongen ziet het als zijn superkracht, naar het einde toe krijg je de verklaring waarom hij denkt zich onzichtbaar te kunnen maken. Ontroerend daarbij is de bedenking die hij bij zichzelf maakt: “Maar onzichtbaar zijn heeft één nadeel. Ook degenen door wie je graag gezien zou willen worden, zien je niet meer.” Als lezer begrijp je dat hij in werkelijkheid steeds meer onzichtbaar wordt in figuurlijke zin: hij maakt zich klein, probeert wanhopig niet op te vallen, zich weg te cijferen, en niemand lijkt te zien wat hem overkomt. Dat laatste zet de auteur ook zeer dik in de verf, dat degenen die toekijken en niets ondernemen, zelf ook monsters zijn. En om helemaal een evenwichtig beeld te schetsen van de problematiek, zoomt Moreno ook in op de gevoelens van de pester zelf: hoe jaloers hij is, getraumatiseerd, geïsoleerd in zijn gezin waar hij een gebrek aan warmte en liefde ervaart. Hoe hij wanhopig aandacht zoekt, en de zwakte van een ander nodig heeft om zelf sterker te lijken. Het boek sluit af met een vijftal informatieve bladzijden over pesten: een definitie, oorzaken, waarschuwingssignalen, wat je kan ondernemen wanneer je gepest wordt of ziet pesten en een aantal organisaties waarbij je terecht kan, in Nederland én België gelukkig. Als je één boek wil (laten) lezen over pesten, laat het dan dit zijn! De bibliotheek catalogeert dit boek als 15+, maar gezien de personages zelf in het eerste middelbaar zitten, de hoofdstukken werkelijk uiterst kort zijn, de stijl en woordkeus eenvoudig en de problematiek weliswaar hard maar hoopvol eindigend, kan het volgens mij perfect vanaf twaalf jaar gelezen geworden.

 


Dit boek uitlenen

Find this book in your library

Details

Auteur
Thema
Uitgever
Uitgave jaar
Type
Aantal pagina's
319
ISBN
978 94 93408 16 6
Bindwijze
gelijmd
Titel Origineel
Invisible
Vertaler
Roy van Alkemade